Facilities First

Verlaat 9, 2272 WS Voorburg

T: +31 70 390 71 63
EMAIL info@facilitiesfirst.nl

U bent nu hier: Home / Nieuws

Column Facilitaire Competentie: Aanpassingsvermogen

01 augustus 2011

DE KERNCOMPETENTIES VAN FACILITIES FIRST

Normen en waarden, ze zijn onmisbaar in het maatschappelijk verkeer. Op onze website komt u er talloze tegen. Niet om het braafste jongetje van de klas te zijn of sociaal geaccepteerd te worden, maar simpel omdat wij ons prettig voelen bij onze ‘eigen’ normen en waarden. Door deze te respecteren kunnen wij op een leuke manier ons werk doen en de kwaliteit leveren waar u recht op heeft. Plezier hebben en plezier voelen is voor ons synoniem. Graag laten wij u kennis maken met de dagelijkse Facilities First praktijk waarin een norm of waarde door ons wordt ervaren en toegepast.

 

Aanpassingsvermogen (geschreven door Bastiaan Kroon)

 

Een groter compliment dan “het lijkt wel of je hier al jaren werkt” kun je als interimmer bijna niet krijgen. Vooral als je pas enkele weken in de organisatie bezig bent. Een compliment omdat je ‘one of the guys’ bent.

 

Toch kun je je afvragen of je het wel als een compliment kunt beschouwen. Natuurlijk, het is voor iedere opdrachtgever kostenbesparend als je met weinig inwerktijd vol aan de bak kunt gaan. Maar als interimmer word je ook geacht onafhankelijk tegen de staande organisatie aan te kunnen kijken. ‘One of the guys’ kan rieken naar bedrijfsblindheid, 9 – 5 mentaliteit, sleur en routine, kortom geen al te positieve associaties.

 

Aanpassingsvermogen is toch een belangrijke competentie omdat je als interimmer voorstaat kameleonachtige trekjes te bezitten. Uiterlijk meestal geen probleem … hoewel?


Een jaar of acht geleden gingen mijn collega en ik strak in het pak naar een potentiële opdrachtgever, een overheidsorganisatie. De ontvangst was wat formeel, tegen het afstandelijke aan. Onze kledij stak ietwat af bij de twee gesprekpartners, gekleed in spijkerbroek en slobbertrui. Geen goed begin als je ontspannen je gesprek in wilt gaan. Na het gesprek werden wij gevraagd even te wachten in een apart kamertje. Al na zo’n vijf minuten werden we weer binnen geroepen. Tja, ze zagen het wel met ons zitten… maar was onze kleding standaard gedurende de opdracht? Blijkbaar vonden de dames ons bij binnenkomst erg glad, met de gedachte dat het wel niks zou worden. Meteen onze jasjes uitgedaan, stropdas af gedaan en de mouwen opgestroopt. Jarenlang hebben wij bij deze organisatie interim werk verricht.


Van binnenuit aanpassen lijkt wat lastiger. Een andere keer gingen dezelfde collega en ik voor een acquisitie naar een organisatie. Op het moment dat we naar het kantoor liepen sloeg ik compleet dicht. De aanblik van de naargeestig gestapelde stenen, kleine raampjes, standaard struikjes rondom het gebouw maakte dat ik het liefst omkeerde en wenste dat ik nooit meer in de buurt zou komen. Maar ja, toch maar naar binnen, het kan uiteraard meevallen. Het werd er niet beter op. We werden wel alleraardigst ontvangen door de plaatsvervangende directeur faciliteiten aan wie ik van pure hulpeloosheid vroeg hoelang zij al interimde voor de organisatie. Het is niet meer goed gekomen.


Toch gaat het aanpassen meestal vanzelf. Wij voelen ons thuis in de facilitaire omgeving en hoe gek het ook klinkt, die hebben vrijwel overal eenzelfde cultuur. Eenzelfde, tja hoe zal ik het zeggen … signatuur die je overal herkent. Toch zal iedere interimmer zijn/haar voorkeur hebben voor een bepaalde cultuur. De consensus cultuur in de gezondheidzorg is totaal anders dan bijvoorbeeld de ‘zo gaan we het doen’ cultuur bij de offshore industrie. En dat is maar goed ook, want de eenheidsworst cultuur zal een ieder een gruwel zijn.